/>

Het eigendomsrecht van een bepaald goed kan opgesplitst zijn in vruchtgebruik en blote eigendom. Dat kan bijvoorbeeld het gevolg zijn van een gesplitste aankoop, een schenking met voorbehoud van vruchtgebruik of een erfenis. Afhankelijk van de situatie, kunnen er al dan niet registratierechten verschuldigd zijn bij de afstand van het vruchtgebruik.

Vormvereisten

Voor roerende goederen kan de afstand van vruchtgebruik door middel van een onderhandse akte. Wat betreft onroerende goederen dient de afstand in elk geval via een notariële akte te gebeuren.

Animus donandi

In principe is een afstand van vruchtgebruik geen overdracht waardoor er slechts een algemeen vast recht (€ 50) verschuldigd is. Evenwel zal de afstand als schenking beschouwd worden en zal er dus schenkbelasting van toepassing zijn indien er een begiftigingsoogmerk (animus donandi) aanwezig is. De Administratie dient deze animus donandi aan te tonen. Dat geldt althans toch in Brussel en Wallonië. Vlabel vermoedt daarentegen dat de afstand van vruchtgebruik de wil om te schenken inhoudt en keert de bewijslast om. De Vlaamse verzaker dient aldus zelf aan te tonen dat er geen begiftigingsoogmerk is.

Schenking met voorbehoud van vruchtgebruik

In geval van afstand van vruchtgebruik ten voordele van de blote eigenaar wordt er geen schenkbelasting geheven indien er reeds schenkbelasting betaald werd op de waarde van de volle eigendom op het moment van de schenking. Indien er geen schenkbelasting betaald werd op de volle eigendom op moment van de schenking, is er achteraf wel schenkbelasting verschuldigd als er een begiftigingsoogmerk aanwezig is.

Erfrechtelijk vruchtgebruik

Wanneer men afstand wenst te doen van een erfrechtelijk vruchtgebruik, komt men in de situatie waarin de blote eigenaar geen erfbelasting heeft betaald op de volle eigendom en bijgevolg schenkbelasting verschuldigd zal zijn op de waarde van het vruchtgebruik indien er een begiftigingsoogmerk bestaat.

Registratie

Enkel indien de afstand via notariële akte gebeurt, is registratie verplicht. Een onderhandse akte van afstand dient aldus niet verplicht geregistreerd te worden. Indien de akte niet ter registratie aangeboden wordt, zal bij overlijden van de vruchtgebruiker binnen de drie (of vijf) jaar na de afstand, de waarde van het vruchtgebruik in de nalatenschap vallen en alsnog onderworpen worden aan erfbelasting indien er een begiftigingsoogmerk was.

Conclusie

De afstand van vruchtgebruik op goederen waarop reeds schenkbelasting werd betaald over de volle eigendom, kan men laten registreren aan het vast recht (€ 50). Er zal in geen geval schenk- of erfbelasting verschuldigd zijn. Bij goederen waarop nog geen erf- of schenkbelasting over de volle eigendom betaald werd, kan men de afstand van vruchtgebruik laten registreren mits betaling van schenkbelasting. Indien men de afstand onderhands doet en niet laat registreren, is er erfbelasting verschuldigd indien men komt te overlijden binnen de drie (of vijf) jaar en er een begiftigingsoogmerk aanwezig was.

 

Sofie Ceulemans – Juriste bij Pareto

Verkooprecht bij verlenging van vruchtgebruik?

Bij een gesplitste aankoop van een onroerend goed, waarbij de vennootschap het vruchtgebruik verwerft en de bedrijfsleider de blote eigendom, kan het wenselijk zijn de termijn van het vruchtgebruik te verlengen. Na het verstrijken van de duurtijd van het vruchtgebruik komt het onroerend goed namelijk toe aan de blote eigenaar. Welke fiscale gevolgen brengt deze verlenging met zich mee?

Grondwettelijk Hof doet uitspraak over toepassing van verkooprecht bij toekenning vastgoed in mede-eigendom aan de vennoot-bedrijfsleider

In 2021 publiceerde Pareto een artikel over de aankoop in mede-eigendom tussen bedrijfsleider en diens vennootschap. We kaderden hierbij het probleem of hetzij verdeelrecht[1] hetzij verkooprecht[2] (Visie Vlaamse en Federale fiscus) van toepassing is wanneer het onnroerend goed wordt uitgekeerd (via verkoop bijvoorbeeld) aan de bedrijfsleider-vennoot. Het Grondwettelijk Hof velde in januari 2022 een verdict in deze kwestie n.a.v. een prejudiciële vraag.

Het verband tussen de begunstigingsclausule van een levensverzekeringspolis en het testament

Nemen wij het voorbeeld van een verzekeringnemer die aanvankelijk zijn zus aanwijst als begunstigde van zijn levensverzekeringspolis. Vervolgens maakt hij een testament op waarin hij zijn partner als algemene legataris aanstelt zonder de begunstigingsclausule van de levensverzekeringspolis te wijzigen. De vraag rijst dan wie de verzekeringsuitkering zal ontvangen.