/>

Het is algemeen bekend dat de aankoop van een onroerend goed gepaard gaat met bepaalde kosten, die bovenop de prijs van het gebouw zelf komen.

Wanneer een gebouw wordt verkocht, moet bij het kantoor Rechtszekerheid de zogenaamde “registratie”-formaliteit worden vervuld. Het Wetboek van registratierechten bepaalt echter dat deze formaliteit aanleiding moet geven tot de inning van een belasting: het registratierecht, dat verschuldigd is op de verkoopprijs van het onroerend goed en waarvan het normale tarief 12,5% bedraagt in het Waalse en het Brusselse Gewest, en 12% in het Vlaamse Gewest. De gewesten hebben evenwel voorzien in bepaalde gevallen waarin een gunstige fiscale regeling kan worden genoten.

In dit verband voorziet het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in een abattement – d.w.z. een vermindering van de belastbare basis waarop de rechten worden berekend – in geval van aankoop van een enkele en eigen woning.

Om voor deze vermindering in aanmerking te komen, moet aan bepaalde voorwaarden worden voldaan: de verwerving moet onder meer betrekking hebben op de volledige eigendom van een gebouw in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bestemd voor de huisvesting. Bovendien mag de koper niet de volledige eigendom bezitten van een ander voor huisvesting bestemd onroerend goed. Hij moet zich verder ertoe verbinden zijn hoofdverblijfplaats in het aangekochte onroerend goed te vestigen binnen twee jaar na de registratie en moet er zijn hoofdverblijfplaats gedurende een ononderbroken periode van vijf jaar behouden.

Momenteel bedraagt het abattement in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ongeveer 175.000 €, en kan het in geen geval worden aangewend als de verkoopprijs van het onroerend goed hoger is dan 500.000 €. Het maximumbedrag van dit voordeel bedraagt aldus 21.875 €.

Gezien de recente stijging van de vastgoedmarkt heeft de Brusselse regering echter een komende verhoging van dit abattement aangekondigd. Het precieze bedrag van de nieuwe vrijstelling staat nog niet vast, maar het zou gebaseerd moeten zijn op een schaal tussen 200.000 € en 250.000 €. De maximumverkoopprijs waarop het abattement kan worden toegepast, wordt verhoogd tot 600.000 €. Het nieuwe maximumbedrag van het voordeel zal dus tussen 25.000 € en 31.250 € liggen (afhankelijk van het uiteindelijke bedrag van abattement dat zal worden vastgesteld).

Bovendien is er nog een laatste voordeel: een koper die de termijn van vijf jaar gedurende welke het gekochte goed als hoofdverblijfplaats moet dienen, niet haalt, hoeft de registratierechten slechts terug te betalen naar rato van de resterende periode vóór het verstrijken van de vijf jaar.

Deze wijzigingen zullen naar verwachting op 1 januari 2023 in werking treden.

 

Charles Gérard – Jurist & fiscalist bij Pareto SA

Verkooprecht bij verlenging van vruchtgebruik?

Bij een gesplitste aankoop van een onroerend goed, waarbij de vennootschap het vruchtgebruik verwerft en de bedrijfsleider de blote eigendom, kan het wenselijk zijn de termijn van het vruchtgebruik te verlengen. Na het verstrijken van de duurtijd van het vruchtgebruik komt het onroerend goed namelijk toe aan de blote eigenaar. Welke fiscale gevolgen brengt deze verlenging met zich mee?

Grondwettelijk Hof doet uitspraak over toepassing van verkooprecht bij toekenning vastgoed in mede-eigendom aan de vennoot-bedrijfsleider

In 2021 publiceerde Pareto een artikel over de aankoop in mede-eigendom tussen bedrijfsleider en diens vennootschap. We kaderden hierbij het probleem of hetzij verdeelrecht[1] hetzij verkooprecht[2] (Visie Vlaamse en Federale fiscus) van toepassing is wanneer het onnroerend goed wordt uitgekeerd (via verkoop bijvoorbeeld) aan de bedrijfsleider-vennoot. Het Grondwettelijk Hof velde in januari 2022 een verdict in deze kwestie n.a.v. een prejudiciële vraag.

Het verband tussen de begunstigingsclausule van een levensverzekeringspolis en het testament

Nemen wij het voorbeeld van een verzekeringnemer die aanvankelijk zijn zus aanwijst als begunstigde van zijn levensverzekeringspolis. Vervolgens maakt hij een testament op waarin hij zijn partner als algemene legataris aanstelt zonder de begunstigingsclausule van de levensverzekeringspolis te wijzigen. De vraag rijst dan wie de verzekeringsuitkering zal ontvangen.