/>

In beginsel zijn bedingen ten behoeve van derden niet onderworpen aan successierechten (of erfbelasting in Vlaanderen). Het toegekende bedrag behoort civielrechtelijk immers niet meer tot het vermogen van de overledene in de strikte zin van het woord, daar het afkomstig is uit een afzonderlijk gesloten verzekeringsovereenkomst. Artikel 8 van het Wetboek Successierechten en zijn tegenhanger in het Vlaamse Gewest, artikel 2.7.1.0.6. van de Vlaamse Codex Fiscaliteit, roepen echter een fictie in het leven waardoor het toegekende bedrag voor fiscale doeleinden toch als een legaat wordt beschouwd en derhalve aan erfbelasting is onderworpen in hoofde van de begunstigde.

Om dit te vermijden kan het de voorkeur verdienen de levensverzekering zelf te schenken in plaats van de polis af te kopen alvorens de vrijgemaakte sommen te schenken. Afgezien van het fiscaal voordeel waarop verder zal worden ingegaan, is een van de grote voordelen van een dergelijke schenking dat u een deel van uw vermogen aan uw kinderen kunt overdragen zonder dat deze laatsten over dat bedrag kunnen beschikken aangezien de verzekeringsmaatschappij het kapitaal pas aan de kinderen zal uitkeren bij het overlijden van de ouder (verzekerde hoofd van de levensverzekering). Bovendien herinneren wij u eraan dat het ten zeerste aanbevolen is de schenking notarieel te verlijden. Hierdoor zullen schenkingsrechten automatisch verschuldigd zijn (in rechte lijn bedragen deze 3% in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het Vlaams Gewest en 3,3% in het Waals Gewest).

Door te kiezen voor een schenking van de verzekeringsovereenkomst wordt begunstigde “B” de nieuwe verzekeringnemer zodat de oorspronkelijke “AAB”-configuratie wordt omgezet in een “BAB”-configuratie, zie onderstaand schema. Dit doet de vraag rijzen naar de opeisbaarheid van de successierechten bij het overlijden van “A” en meer in het bijzonder de vraag of artikel 8 van het Wetboek der Successierechten dan wel artikel 2.7.1.0.6 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit nog van toepassing is. Helaas is het antwoord niet eenduidig, maar hangt het af van het Gewest waar de overledene zijn hoofdverblijf had. De respectieve standpunten van de administraties worden hieronder uiteengezet.

Standpunt van de federale belastingadministratie (van toepassing in het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest)

De federale belastingadministratie heeft verduidelijkt dat de schenking van een verzekeringspolis tot gevolg heeft dat de begiftigde de nieuwe verzekeringnemer wordt en dat, voor zover de begiftigde ook de begunstigde is, er een omzetting (van een “AAB”-configuratie naar een “BAB”-configuratie) plaatsvindt. Er is dan niet langer sprake van een beding ten behoeve van een derde maar veeleer van een beding ten behoeve van zichzelf. Bijgevolg wordt de toepassing van artikel 8 van het Wetboek van Successierechten uitgesloten.

Standpunt van de Vlaamse Belastingdienst (van toepassing in het Vlaams Gewest)

Vlabel, de Vlaamse Belastingdienst, heeft zich reeds meermaals over deze problematiek gebogen. In het verleden onderwierp Vlabel het volledige bedrag dat bij het overlijden van de ouder-schenker werd toegekend aan erfbelasting. Dit zelfs als er op het ogenblik van de schenking schenkingsrechten werden betaald, wat in sommige gevallen tot dubbele belastingheffing kon leiden.

Dit standpunt gaf aanleiding tot hevige kritiek en vereiste de tussenkomst van de Vlaamse wetgever. Sindsdien is er een wettelijke bepaling opgenomen volgens welke bij de registratie van de schenking van een verzekeringspolis het belastbare bedrag waarop erfbelasting wordt geheven, wordt verminderd met het bedrag waarop schenkingsrechten zijn betaald. Met andere woorden, de meerwaarde die het verzekeringscontract na de registratie ervan oplevert, is onderworpen aan erfbelasting. Volgens standpunten van Vlabel zou erfbelasting overigens kunnen worden vermeden door ofwel de begunstigingsclausule te wijzigen, dan wel de begunstigde (een deel van) de opgebouwde reserves te laten afkopen.

Alvorens echter de toepassing van een van beide oplossingen te overwegen, moet rekening worden gehouden met alle bijzondere omstandigheden van uw situatie. Indien u meer informatie wenst over dit onderwerp, aarzel dan niet om contact met ons op te nemen.

Florian Nelis – Jurist & Fiscalist bij Pareto NV

Hoe kan ik afstand doen van het wettelijk toegekend opvolgend vruchtgebruik en zo erfbelasting vermijden in het Vlaams Gewest ?

Hoe kan ik afstand doen van het wettelijk toegekend opvolgend vruchtgebruik en zo erfbelasting vermijden in het Vlaams Gewest?

Sinds de hervorming van het erfrecht, dat op 1 september 2018 in werking is getreden, geniet de langstlevende echtgeno(o)t(e) een recht van vruchtgebruik dat betrekking heeft op de goederen die de overledene tijdens zijn of haar leven heeft geschonken onder voorbehoud van vruchtgebruik. Om van dit vruchtgebruik te kunnen genieten, moet de langstlevende echtgeno(o)t(e) op het ogenblik van de schenking echtgeno(o)t(e) zijn.

Aankoop in mede-eigendom tussen bedrijfsleider en zijn vennootschap

Indien u als bedrijfsleider wilt investeren met uw vennootschap in onroerend goed, kan u deze aankoop doen tesamen met de vennootschap. Meestal wordt er dan voor gekozen om de vennootschap het merendeel te laten financieren, zodat deze ook de meeste kosten van het pand kan aftrekken. Het gaat dan vaak over een verhouding van 95%-5% die algemeen aanvaard wordt.

Belastingvrije dividenden?

Op basis van artikel 21, lid 1, 14° WIB92 heeft u recht op een vrijstelling van de eerste schijf van € 800 aan privé dividenden die u per persoon ontvangt. De vrijstelling gebeurt evenwel niet automatisch. Op het (Belgische) dividend is reeds roerende voorheffing ingehouden waardoor u aldus zelf de vrijstelling zal dienen aan te vragen via uw belastingaangifte.